GFA TS 970: Start kort en stopt weer
Korte diagnose: Bij GFA TS 970 met foutbeeld Start kort en stopt weer eerst voeding, vrijgaveketen, passende ingang en veiligheidselementen meten. Geen onderdelen op verdenking wisselen: eerst ingang, dan uitgang, dan belasting controleren.
Foutbeeld
Eerste beslissing: Komt het commando aan bij de besturing? Zo nee: toets, radio, externe vrijgave en leiding controleren. Zo ja: veiligheidscircuit, eindposities, uitgang en belasting controleren.
Meest waarschijnlijke oorzaken – gesorteerd op trefkans
| Volgorde | Oorzaak | Sneltest |
|---|---|---|
| 1 | Veiligheidscontact opent door trilling | Uitvoeren van controle direct op de betreffende ingang/uitgang en meetwaarde noteren. |
| 2 | Rem komt niet los of motorstroom stijgt direct | Mechanisme ontgrendelen, rem controleren, motorstroom meten. |
| 3 | Eindpositie wordt verkeerd herkend | Eindpositiestatus, encoderstekker en leerrit controleren. |
| 4 | Looptijd-/krachtbewaking slaat aan | Uitvoeren van controle direct op de betreffende ingang/uitgang en meetwaarde noteren. |
| 5 | Voeding valt weg bij start | 230/400 V ingang en 24 V DC onder belasting meten; zekeringen op doorgang controleren. |
Directe controle bij de schakelkast
Deze controles brengen de fout meestal sneller aan het licht dan een complete vervanging van de besturing.
| Nr. | Waar controleren? | Hoe controleren? | Nominale waarde / Verwachting |
|---|---|---|---|
| 1 | Besturing/X5/X6 sensorvoeding | 24 V DC meten tijdens start. Moet: stabiel blijven boven 22 V DC. | 22–28 V DC stabiel, ook bij commando |
| 2 | Direct aan besturing en component | Veiligheids-LED's tijdens beweging observeren. Moet: niet flikkeren. | LED/Input wisselt eenduidig en flikkert niet |
| 3 | Rem/remschakelaar op de aandrijving | Rem mechanisch horen/controleren. Moet: voor motorloop soepel loskomen. | Rem komt hoorbaar en volledig los |
| 4 | Motoraansluiting / schakelaar / FU-uitgang | Motorstroom bij start met tang meten. Moet: onder nominaal stroombereik volgens typeplaatje, geen massieve piekwaarde. | onder nominale stroom volgens typeplaatje, geen sterke sprong |
| 5 | Eindschakelaar, AWG/encoder, eindpositiemenu | Eindpositiestatus tijdens start controleren. Moet: geen onmiddellijke wisseling naar eindpositie. | Eindpositiestatus komt overeen met de werkelijke poortpositie |
| 6 | Direct aan besturing en component | Poort mechanisch ontgrendelen en lichtloop controleren. Moet: geen harde blokkade. | Toestand eenduidig, reproduceerbaar en passend bij het schakelschema |
Meetwaarden, LED-statussen en ingangen
| Meetpunt | Beoordeling |
|---|---|
| 24 V DC onder belasting | Indien afwezig of inzakken, eerst voeding, zekering, kortsluiting in sensoren en klemmen controleren. |
| Motorstroom L1/L2/L3 of eenfasig L | Te hoog: mechaniek/rem/motor controleren. Te laag ondanks commando: uitgang/schakelaar/vrijgave controleren. |
| Schakelaarspoelspanning tijdens start | Meetwaarde vergelijken met typeplaatje en schakelschema; afwijking gericht afbakenen. |
| Eindpositie-LED wisselt niet direct | Geen LED-verandering betekent: commando/sensor komt niet aan of ingang is verkeerd geparametreerd. |
| Isolatie-/weerstandsmeting alleen spanningsvrij | Meetwaarde vergelijken met typeplaatje en schakelschema; afwijking gericht afbakenen. |
Belangrijk: Spanning altijd onder belasting controleren. 24 V in rust kan er goed uitzien en bij de start toch inzakken.
Fabrikantgerelateerde controle: GFA TS 970
Bij GFA TS970/TS971/TS981 leveren X5, X6 en de deurblad-/ST-circuits de snelste treffers. X6.1-X6.2 is bijzonder belangrijk bij storingen in de fotocellen, X5.1-X5.4 bij ontbrekende commando's.
Relevante klemmen en modules
| Klem / Module | Waarom hier controleren? |
|---|---|
| X5.1 tot X5.4 = externe bedieningsapparaten. OMHOOG/OMLAAG/STOP/Puls bij de ingang controleren. | Hier zie je of het commando echt aankomt. |
| X6.1 tot X6.2 = lichtscherm of doorgangslichtscherm. Contact moet afhankelijk van de functie sluiten/vrijgeven. | Hier blokkeren lichtscherm, SKS en veiligheidscontacten de rit. |
| Bij TS 981 bovendien X15.1 tot X15.4 voor externe bedieningsapparaten buiten controleren. | Hier zie je of het commando echt aankomt. |
| ST/ST+ of deurblad-/klemmenkast: sluipdeur, touwslap schakelaar en veiligheidsrand controleren. | Hier blokkeren lichtscherm, SKS en veiligheidscontacten de rit. |
| X2-stekkerverbinding naar deurbladmodule/klemmenkast op vaste pasvorm controleren. | Hier controleren of uitgang, motor en rem elektrisch gevoed worden. |
Foutcodes, LED-statussen of meldingen
| Melding / Toestand | Volgende stap |
|---|---|
| F2.1: Lichtstraal onderbroken of X6.1-X6.2 open. | Lichtscherm reinigen, uitlijnen, voeding en contact controleren. |
| F2.8: Controle van de pneumatische veiligheidsstrip negatief. | Sluitrand, weerstand, optosensor, spiraalkabel en parameters controleren. |
| F2.9: Optische sluitrand geactiveerd of beschadigd. | Sluitrand, weerstand, optosensor, spiraalkabel en parameters controleren. |
| F5.6: Looptijd overschreden; looptijd en mechaniek controleren. | Mechaniek, looptijdparameters, motorstroom en eindposities controleren. |
| Melding „No safety edge“: veiligheidsrand, WSD of spiraalleiding controleren. | Sluitrand, weerstand, optosensor, spiraalkabel en parameters controleren. |
Parameters die bij het foutbeeld passen
| Parameter / Functie | Controle |
|---|---|
| Bedrijfsmodus .3/.4 voor automatische functies | Verkeerd ingesteld leidt tot dodemansbediening of ontbrekende impulsbediening. |
| Looptijdbewaking | Te krap ingesteld leidt tot start/stop, omkeren of thermische storing. |
| Vooreindschakelaar S5 | Verkeerd geleerd voorkomt eindpositiemelding en referentierit. |
| SKS-type optisch/8k2/pneumatisch | Verkeerd geparametreerd blokkeert DICHT of automatisch. |
| WSD-radiomodule aangeleerd | Verkeerd geleerd voorkomt eindpositiemelding en referentierit. |
| Automatische sluiting/voorwaarschuwing | Bepaalt wanneer signaalgevers schakelen. |
Bekende zwakke punten uit de praktijk
| Zwakke plek | Praktische controle |
|---|---|
| open klemmen X6.1-X6.2 door verschoven lichtscherm | Reinigen, uitlijnen, voeding meten, relaiscontact testen. |
| defecte WSD-zender of lege batterij | Stekker zekeren, sensor bedienen, eindposities opnieuw aanleren. |
| Aderbreuk in spiraalkabel | Aders afzonderlijk meten en leiding bewegen; waarde mag niet verspringen. |
| Sluipdeurcontact in deurbladkast open | Contact mechanisch indrukken, elektrisch meten en tijdens beweging observeren. |
| Rem komt niet goed los | Remspanning meten, loskomen horen, mechanisch slepen controleren. |
Typische oorzaak van storingen in de praktijk
Bij kort starten/stoppen vindt men vaak een vibrerend sluipdeurcontact, een klevende rem of een zwaar lopende poort. De besturing is dan zelden de eerste oorzaak.
Bij GFA TS 970 extra op letten: Bij TS-besturingen altijd foutcode en X5/X6/ST-circuit noteren, voordat wordt bevestigd.
Stap-voor-stap reparatie
- Systeem beveiligen: gebied afzetten, rijbaan vrijmaken, hoofdschakelaar uitschakelen en beveiligen tegen opnieuw inschakelen. Werkzaamheden aan 230/400 V, remmen, frequentieomvormer, hoofdschakelaar of motoraansluiting alleen door een elektricien. Voor elke weerstands- of doorgangsmeting het systeem volledig spanningsvrij schakelen en beveiligen tegen opnieuw inschakelen.
- Onderdeel afbakenen: Voor dit foutbeeld eerst startvrijgave controleren, die echter door veiligheid, rem, motorstroom of looptijd direct afbreekt, dan pas motor of besturing verdenken.
- Rem / remschakelaar / veiligheidscontact lokaliseren: Klem, leiding en onderdeel markeren aan de hand van de opschriften en het schakelschema. Foto's maken voordat de stekkers worden losgemaakt.
- Meting uitvoeren: Voeding, ingang, contact/weerstand en LED-status meten. Resultaat noteren; geen onderdeel vervangen, alleen omdat het "verdacht lijkt".
- Onderdeel vervangen of repareren: Rem / remschakelaar / veiligheidscontact alleen vervangen door een passend type volgens typeplaatje/schakelschema. Klemmen vastzetten, trekontlasting aanbrengen, leiding beveiligen tegen schuren.
- Functietest: Individuele functie bij de ingang controleren, daarna complete OMHOOG- en OMLAAG-rit uitvoeren. Foutgeschiedenis opnieuw controleren.
- Veiligheidscontrole: Noodstop, fotocel, sluitrand/SKS, sluipdeur en eindposities actief testen. Bij automatische loop omkering en voorwaarschuwing documenteren.
Onderdeeladvies
Typisch reserveonderdeel: Rem / remgelijkrichter / veiligheidscontact
Functie: Deze componenten bepalen of de motor vrij kan starten en of de vrijgave tijdens de beweging blijft bestaan.
Vervanging: Schakel de installatie spanningsvrij, fotografeer de klemmenbezetting, label de draden, vervang het onderdeel, draai de klemmen aan, controleer de trekontlasting en documenteer daarna opnieuw de meetwaarde/functie.
Andere onderdelen die bij deze installatie in de gaten moeten worden gehouden:
- GFA TS970/TS971/TS981 besturing
- WSD-deurmodule of spiraalkabel
- Lichtscherm voor X6
- Veiligheidslijst optisch/8k2/pneumatisch
- Remschakelaar/rem
- Eindschakelaar/AWG
Praktijkgeval
| Punt | Beschrijving |
|---|---|
| Foutbeeld | Poort rijdt 10 cm aan en stopt zonder duidelijke melding. |
| Diagnose | 24 V stabiel, maar STOP-LED flikkerde bij het aanzetten. |
| Oorzaak | Sluipdeurcontact had speling en opende door trilling. |
| Oplossing | Contact vervangen en deur afgesteld; daarna 5 rijcycli zonder onderbreking. |
| Tijdsinvestering | 40 minuten |
Eindcontrole na reparatie
- Minimaal drie complete OMHOOG/OMLAAG rijcycli uitvoeren zonder foutmelding.
- Noodstop bedienen: Installatie moet onmiddellijk stoppen en mag pas na ontgrendeling weer vrijgeven.
- Lichtscherm onderbreken tijdens OMLAAG-rit: Sluiting moet stoppen of omkeren, afhankelijk van de installatie.
- Sluitrand/SKS testen met geschikt testlichaam: Reactie en omkeerweg controleren.
- Eindposities OMHOOG/OMLAAG controleren: Indicatie, vergrendeling, signaal/vrijgave moeten correct omschakelen.
- Meetwaarden, vervangen reserveonderdeel en foutcode documenteren in het onderhoudsrapport.
Opmerking: Klemmenaanduidingen kunnen afwijken afhankelijk van het bouwjaar, de optionele printplaat en de uitvoering. Het schakelschema van de specifieke installatie blijft altijd leidend.






Delen:
Hofschuifpoort met Sommer-besturing: Eindstand wordt bij regen niet herkend – Reparatiehandleiding met meetwaarden en programmering
Industriepoort gaat niet meer omhoog – Foutdiagnose en reparatie