GFA TS 971: Thermische beveiliging slaat aan
Korte diagnose: Bij GFA TS 971 met storing thermische beveiliging slaat aan eerst voeding, vrijgaveketen, passende ingang en veiligheidselementen meten. Vervang geen onderdelen op verdenking: controleer eerst de ingang, dan de uitgang, dan de belasting.
Storing
Eerste beslissing: Komt het commando aan bij de besturing? Zo nee: controleer knop, radio, externe vrijgave en leiding. Zo ja: controleer veiligheidscircuit, eindschakelaars, uitgang en belasting.
Meest waarschijnlijke oorzaken – gesorteerd op trefkans
| Volgorde | Oorzaak | Sneltest |
|---|---|---|
| 1 | Poort/mechaniek loopt zwaar | Mechaniek ontgrendelen, rem controleren, motorstroom meten. |
| 2 | Motorstroom boven nominale waarde | Mechaniek ontgrendelen, rem controleren, motorstroom meten. |
| 3 | Rem sleept of komt laat los | Mechaniek ontgrendelen, rem controleren, motorstroom meten. |
| 4 | Fase-uitval of onderspanning | Controle direct uitvoeren op de betreffende ingang/uitgang en meetwaarde noteren. |
| 5 | Aantal cycli hoger dan aandrijfontwerp | Controle direct uitvoeren op de betreffende ingang/uitgang en meetwaarde noteren. |
Onmiddellijke controle op de schakelkast
Deze controles brengen de storing meestal sneller aan het licht dan een complete vervanging van de besturing.
| Nr. | Waar controleren? | Hoe controleren? | Nominale waarde / Verwachting |
|---|---|---|---|
| 1 | Motoraansluiting / Schakelaar / Frequentieomvormer-uitgang | Motorstroom meten tijdens complete rit. Moet: onder/nabij nominale stroom volgens typeplaatje. | onder nominale stroom volgens typeplaatje, geen grote sprong |
| 2 | Direct op besturing en component | Motorbeveiliging instellen op nominale stroom. Moet: waarde past bij motorplaatje, niet blind hoger zetten. | onder nominale stroom volgens typeplaatje, geen grote sprong |
| 3 | Direct op besturing en component | Poort mechanisch ontgrendelen en soepele loop controleren. Moet: gelijkmatig, geen blokkering. | Toestand eenduidig, reproduceerbaar en passend bij het schakelschema |
| 4 | Rem/remschakelaar op de aandrijving | Rem controleren. Moet: volledig lossen en niet slepen. | Rem komt hoorbaar en volledig los |
| 5 | Direct op besturing en component | Spanning meten onder belasting. Moet: geen duidelijke onderspanning, alle fasen aanwezig. | ca. 400 V AC tussen alle fasen |
| 6 | Direct op besturing en component | Cycli/onderhoudsteller controleren. Moet: gebruik past bij aandrijfklasse. | Toestand eenduidig, reproduceerbaar en passend bij het schakelschema |
Meetwaarden, LED-statussen en ingangen
| Meetpunt | Beoordeling |
|---|---|
| Motorstroom per fase | Te hoog: mechaniek/rem/motor controleren. Te laag ondanks commando: uitgang/schakelaar/vrijgave controleren. |
| 400 V AC tussen fasen onder belasting | Ontbreekt een fase of L/N, dan zit de fout vóór de besturingslogica: invoer, hoofdschakelaar, zekering, motorbeveiliging. |
| Motortemperatuur na rit | Meetwaarde vergelijken met typeplaatje en schakelschema; afwijking gericht afbakenen. |
| Instelwaarde motorbeveiliging t.o.v. typeplaatje | Meetwaarde vergelijken met typeplaatje en schakelschema; afwijking gericht afbakenen. |
| Remspanning volgens typeplaatje | Meetwaarde vergelijken met typeplaatje en schakelschema; afwijking gericht afbakenen. |
Belangrijk: Spanning altijd onder belasting controleren. 24 V onbelast kan er goed uitzien en bij het starten toch instorten.
Fabrikantgerelateerde controle: GFA TS 971
Bij GFA TS970/TS971/TS981 leveren X5, X6 en de deurblad-/ST-circuits de snelste resultaten op. X6.1-X6.2 is vooral belangrijk bij storingen aan de lichtschans, X5.1-X5.4 bij ontbrekende commando's.
Relevante klemmen en componenten
| Klem / Component | Waarom hier controleren? |
|---|---|
| X5.1 tot X5.4 = externe bedieningsapparaten. OMHOOG/OMLAAG/STOP/Puls controleren bij ingang. | Hier zie je of het commando echt aankomt. |
| X6.1 tot X6.2 = lichtschans of doorrijlichtschans. Contact moet sluiten/vrijgeven afhankelijk van de functie. | Hier blokkeren lichtschans, SKS en veiligheidscontacten de rit. |
| Bij TS 981 bovendien X15.1 tot X15.4 voor externe bedieningsapparaten buiten controleren. | Hier zie je of het commando echt aankomt. |
| ST/ST+ resp. deurblad-/klemmenkast: sluipdeur, kabeldoorhangschakelaar en veiligheidsrand controleren. | Hier blokkeren lichtschans, SKS en veiligheidscontacten de rit. |
| X2-stekkerverbinding naar deurbladmodule/klemmenkast controleren op stevige bevestiging. | Hier controleren of uitgang, motor en rem elektrisch worden gevoed. |
Foutcodes, LED-statussen of meldingen
| Melding / Toestand | Volgende stap |
|---|---|
| F2.1: Lichtstraal onderbroken of X6.1-X6.2 open. | Lichtschans reinigen, uitlijnen, voeding en contact controleren. |
| F2.8: Controle van de pneumatische veiligheidslijst negatief. | Sluitrand, weerstand, optosensor, spiraalkabel en parameters controleren. |
| F2.9: optische sluitrand geactiveerd of beschadigd. | Sluitrand, weerstand, optosensor, spiraalkabel en parameters controleren. |
| F5.6: Looptijd overschreden; looptijd en mechaniek controleren. | Mechaniek, looptijdparameters, motorstroom en eindschakelaars controleren. |
| Melding "No safety edge": Veiligheidsrand, WSD of spiraalkabel controleren. | Sluitrand, weerstand, optosensor, spiraalkabel en parameters controleren. |
Parameters die passen bij het storingsbeeld
| Parameter / Functie | Controle |
|---|---|
| Bedrijfsmodus .3/.4 voor automatische functies | Verkeerd ingesteld leidt tot doodmansbediening of ontbrekende impulsbediening. |
| Looptijdbewaking | Te krap ingesteld leidt tot start/stop, reverseren of thermische storing. |
| Vooreindschakelaar S5 | Verkeerd ingeleerd voorkomt eindschakelaarmelding en referentierit. |
| SKS-type optisch/8k2/pneumatisch | Verkeerd geparametreerd blokkeert DICHT of automaat. |
| WSD-radiomodule ingeleerd | Verkeerd ingeleerd voorkomt eindschakelaarmelding en referentierit. |
| Automatisch sluiten/voorwaarschuwing | Bepaalt wanneer signaalgevers schakelen. |
Bekende zwakke punten uit de praktijk
| Zwak punt | Praktische controle |
|---|---|
| open klemmen X6.1-X6.2 door verschoven lichtschans | Reinigen, uitlijnen, voeding meten, relaiscontact testen. |
| defecte WSD-zender of lege batterij | Stekker zekeren, sensor bedienen, eindschakelaars opnieuw inleren. |
| Aderbreuk in spiraalkabel | Aders afzonderlijk meten en kabel bewegen; waarde mag niet springen. |
| Sluipdeurcontact in deurbladkast open | Contact mechanisch indrukken, elektrisch meten en tijdens beweging observeren. |
| Rem komt niet schoon los | Remspanning meten, loskomen horen, mechanische wrijving controleren. |
Typische oorzaak van storingen in de praktijk
Thermische beveiliging is een symptoom, geen vijand. Vaak loopt de poort zwaar of sleept de rem. De motorbeveiliging hoger zetten is geknoei.
Bij GFA TS 971 extra aandachtspunten: Bij TS-besturingen altijd foutcode en X5/X6/ST-circuit noteren voordat wordt gekwiteerd.
Stapsgewijze reparatie
- Installatie beveiligen: gebied afzetten, rijweg vrijmaken, hoofdschakelaar uitschakelen en beveiligen tegen opnieuw inschakelen. Werkzaamheden aan 230/400 V, remmen, frequentieomvormer, hoofdschakelaar of motoraansluiting uitsluitend door een elektromonteur. Vóór elke weerstands- of doorgangsmeting de installatie allpolig spanningsvrij schakelen en beveiligen tegen opnieuw inschakelen.
- Onderdeel afbakenen: Voor dit storingsbeeld eerst controleren of de motor te warm wordt door overbelasting, te veel cycli, fase-uitval of slechte koeling, daarna pas de motor of besturing verdenken.
- Motorbeveiliging / rem / rollen-verenpakket lokaliseren: Klem, leiding en onderdeel markeren aan de hand van de opschrift en het schakelschema. Vóór het loskoppelen foto's maken.
- Meting uitvoeren: Voeding, ingang, contact/weerstand en LED-status meten. Resultaat noteren; geen onderdeel vervangen alleen omdat het "er verdacht uitziet".
- Onderdeel vervangen of repareren: Motorbeveiliging / rem / rollen-verenpakket alleen vervangen door een passend type volgens typeplaatje/schakelschema. Klemmen vastzetten, trekontlasting plaatsen, leiding beveiligen tegen schuren.
- Functietest: Individuele functie bij de ingang controleren, daarna complete OMHOOG- en OMLAAG-rit uitvoeren. Foutgeschiedenis opnieuw controleren.
- Veiligheidscontrole: Noodstop, lichtschans, sluitrand/SKS, sluipdeur en eindschakelaars actief testen. Bij automatische werking reversering en voorwaarschuwing documenteren.
Onderdeeladvies
Typisch onderdeel: Motorbeveiliging / rem / rollen-verenpakket
Functie: Deze componenten voorkomen oververhitting of veroorzaken deze bij verkeerde instelling.
Vervanging: Installatie spanningsvrij schakelen, klemmenbezetting fotograferen, aders labelen, onderdeel vervangen, klemmen aandraaien, trekontlasting controleren en daarna meetwaarde/functie opnieuw documenteren.
Andere onderdelen die bij deze installatie in de gaten moeten worden gehouden:
- GFA TS970/TS971/TS981 besturing
- WSD-deurmodule of spiraalkabel
- Lichtschans voor X6
- Veiligheidslijst optisch/8k2/pneumatisch
- Remschakelaar/rem
- Eindschakelaar/AWG
Praktijkvoorbeeld
| Punt | Beschrijving |
|---|---|
| Storingsbeeld | Na 8-10 ritten stopt de poort, na afkoeling werkt het weer. |
| Diagnose | Motorstroom lag 35% boven typeplaatje. |
| Oorzaak | Verenpakket te zwak gespannen en rollen droog. |
| Oplossing | Mechaniek afgesteld, rollen onderhouden, motorbeveiliging correct ingesteld. |
| Tijdsduur | 90 minuten |
Afsluitende controle na reparatie
- Voer minimaal drie complete rijcycli OMHOOG/OMLAAG uit zonder foutmelding.
- Bedien de noodstop: de installatie moet onmiddellijk stoppen en mag pas na ontgrendeling weer vrijgeven.
- Onderbreek de lichtschans tijdens de OMLAAG-rit: de sluitrit moet stoppen of reverseren, afhankelijk van de installatie.
- Test de sluitrand/SKS met een geschikt testlichaam: controleer reactie en reverseringsweg.
- Controleer de eindschakelaars OMHOOG/OMLAAG: display, vergrendeling, verkeerslicht/vrijgave moeten correct omschakelen.
- Documenteer meetwaarden, vervangen onderdeel en foutcode in het onderhoudsrapport.
Opmerking: Klemmenaanduidingen kunnen afwijken afhankelijk van bouwjaar, optieprintplaat en uitvoering. Het schakelschema van de specifieke installatie blijft altijd leidend.






Delen:
Hofschuifpoort met Sommer-besturing: Eindstand wordt bij regen niet herkend – Reparatiehandleiding met meetwaarden en programmering
Industriepoort gaat niet meer omhoog – Foutdiagnose en reparatie