GFA TS 981: Omkeert zonder hindernis
Korte diagnose: Bij GFA TS 981 met storingsbeeld Omkeert zonder hindernis eerst voeding, vrijgaveketen, passende ingang en veiligheidselementen meten. Geen onderdelen op verdenking vervangen: eerst ingang, dan uitgang, dan belasting controleren.
Storingsbeeld
Eerste beslissing: Komt de opdracht aan bij de besturing? Zo nee: drukknop, draadloos, externe vrijgave en leiding controleren. Zo ja: veiligheidscircuit, eindposities, uitgang en belasting controleren.
Meest waarschijnlijke oorzaken – gesorteerd op trefkans
| Volgorde | Oorzaak | Sneltest |
|---|---|---|
| 1 | Lichtscherm flikkert of wordt verblind | Lenzen reinigen, LED controleren, voeding en relaiscontact meten. |
| 2 | Sluitrand wordt geactiveerd door een los contact | 8k2/optische sensor/spiraalkabel meten en ingang observeren. |
| 3 | Kracht-/stroombewaking detecteert stroefheid | Controle direct uitvoeren op de betreffende ingang/uitgang en meetwaarde noteren. |
| 4 | Poort loopt mechanisch stroef of klemt | Controle direct uitvoeren op de betreffende ingang/uitgang en meetwaarde noteren. |
| 5 | Vooreindschakelaar/parameter omkeergebied verkeerd | Parameter vergelijken met storingsbeeld en wijzigingen documenteren. |
Directe controle in de schakelkast
Deze controles brengen de storing meestal sneller aan het licht dan een complete vervanging van de besturing.
| Nr. | Waar controleren? | Hoe controleren? | Streefwaarde / Verwachting |
|---|---|---|---|
| 1 | X6.1-X6.2 en zender/ontvanger | Rijbaan vrijmaken en lichtscherm-LED observeren tijdens de rit. Moet: niet flikkeren. | LED/Input wisselt eenduidig en flikkert niet |
| 2 | SKS/SE-ingang en poortbladkabel | SKS-waarde tijdens beweging via sleepkabel controleren. Moet: stabiel 8,2 kΩ of zuiver optisch signaal. | ca. 8,2 kΩ onbelast; duidelijke wisseling bij bediening |
| 3 | Direct aan besturing en component | Poort mechanisch ontgrendelen en handmatig bewegen. Moet: gelijkmatige loop zonder haken. | Toestand eenduidig, reproduceerbaar en passend bij het schakelschema |
| 4 | Motoraansluiting / schakelaar / FU-uitgang | Motorstroom meten bij het omkeerpunt. Moet: geen duidelijke sprong boven de normale waarde. | onder nominale stroom volgens typeplaatje, geen sterke sprong |
| 5 | Eindschakelaar, AWG/encoder, eindpositiemenu | Vooreindschakelaar/omkeergebied controleren. Moet: veiligheidsactivering kort voor de eindpositie correct behandeld. | Eindpositie status komt overeen met de werkelijke poortpositie |
| 6 | Direct aan besturing en component | Geleiderails, rollen en afdichting controleren op drukpunten. | Toestand eenduidig, reproduceerbaar en passend bij het schakelschema |
Meetwaarden, LED-statussen en ingangen
| Meetpunt | Beoordeling |
|---|---|
| 8,2 kΩ SKS stabiel bij bewegen | Oneindig/0 Ω of sterk fluctuerend betekent defecte lijst, weerstand of kabel. |
| 24 V DC aan sensoren zonder inzinking | Indien afwezig of inzakkend, eerst voeding, zekering, kortsluiting in sensoren en klemmen controleren. |
| Motorstroom op het omkeerpunt | Te hoog: mechaniek/rem/motor controleren. Te laag ondanks commando: uitgang/schakelaar/vrijgave controleren. |
| LED lichtscherm vrij/onderbroken | Geen LED-verandering betekent: commando/sensor komt niet aan of ingang is verkeerd geparametreerd. |
| Ingang SKS mag onbelast niet wisselen | Geen LED-verandering betekent: commando/sensor komt niet aan of ingang is verkeerd geparametreerd. |
Belangrijk: Spanning altijd onder belasting controleren. 24 V in nullast kan er goed uitzien en toch instorten bij het starten.
Fabrikantspecifieke controle: GFA TS 981
Bij GFA TS970/TS971/TS981 leveren X5, X6 en de deurblad-/ST-circuits de snelste resultaten op. X6.1-X6.2 is vooral belangrijk bij lichtschermfouten, X5.1-X5.4 bij ontbrekende commando's.
Relevante klemmen en modules
| Klem / Module | Waarom hier controleren? |
|---|---|
| X5.1 tot X5.4 = externe bedieningsapparaten. OPEN/DICHT/STOP/Impuls op ingang controleren. | Hier ziet men of het commando daadwerkelijk aankomt. |
| X6.1 tot X6.2 = lichtscherm of doorrijdlichtscherm. Contact moet afhankelijk van de functie sluiten/vrijgeven. | Hier blokkeren lichtscherm, SKS en veiligheidscontacten de rit. |
| Bij TS 981 aanvullend X15.1 tot X15.4 voor externe bedieningsapparaten buiten controleren. | Hier ziet men of het commando daadwerkelijk aankomt. |
| ST/ST+ resp. deurblad-/klemmenkast: zijdeur, touwslapstandschakelaar en veiligheidsrand controleren. | Hier blokkeren lichtscherm, SKS en veiligheidscontacten de rit. |
| X2-stekkerverbinding naar deurbladmodule/klemmenkast op vaste zit controleren. | Hier controleren of uitgang, motor en rem elektrisch gevoed worden. |
Foutcodes, LED-statussen of meldingen
| Melding / Toestand | Volgende stap |
|---|---|
| F2.1: Lichtstraal onderbroken of X6.1-X6.2 open. | Lichtscherm reinigen, uitlijnen, voeding en contact controleren. |
| F2.8: Controle van de pneumatische veiligheidslijst negatief. | Sluitrand, weerstand, optische sensor, spiraalkabel en parameter controleren. |
| F2.9: optische sluitrand geactiveerd of beschadigd. | Sluitrand, weerstand, optische sensor, spiraalkabel en parameter controleren. |
| F5.6: Looptijd overschreden; looptijd en mechaniek controleren. | Mechaniek, looptijdparameter, motorstroom en eindposities controleren. |
| Melding „No safety edge“: Veiligheidsrand, WSD of spiraalkabel controleren. | Sluitrand, weerstand, optische sensor, spiraalkabel en parameter controleren. |
Parameters die bij het storingsbeeld passen
| Parameter / Functie | Controle |
|---|---|
| Bedrijfsmodus .3/.4 voor automatische functies | Verkeerd ingesteld leidt tot dode-man-bediening of ontbrekende impulsbediening. |
| Looptijdbewaking | Te krap ingesteld leidt tot start/stop, omkeren of thermische storing. |
| Vooreindschakelaar S5 | Verkeerd ingeleerd voorkomt eindpositie melding en referentierit. |
| SKS-type optisch/8k2/pneumatisch | Verkeerd geparametreerd blokkeert DICHT of automatisch. |
| WSD-radiomodule ingeleerd | Verkeerd ingeleerd voorkomt eindpositie melding en referentierit. |
| Automatische sluiting/voorwaarschuwing | Bepaalt wanneer signaalgevers schakelen. |
Bekende zwakke punten uit de praktijk
| Zwakke plek | Praktische controle |
|---|---|
| open klemmen X6.1-X6.2 door verschoven lichtscherm | Reinigen, uitlijnen, voeding meten, relaiscontact testen. |
| defecte WSD-zender of lege batterij | Stekker beveiligen, sensor bedienen, eindposities opnieuw inleren. |
| Draadbreuk in spiraalkabel | Aders afzonderlijk meten en leiding bewegen; waarde mag niet springen. |
| Zijdeurcontact in deurkast open | Contact mechanisch indrukken, elektrisch meten en tijdens beweging observeren. |
| Rem lost niet goed | Remspanning meten, losmaken horen, mechanisch slepen controleren. |
Typische oorzaak van storingen uit de praktijk
De klassieker is een sluitrand met draadbreuk in de spiraalkabel: onbelast in stilstand lijkt alles in orde, tijdens de rit valt de waarde even weg.
Bij GFA TS 981 bijzonder aandacht besteden aan: Bij TS-besturingen altijd foutcode en X5/X6/ST-circuit noteren, voordat wordt gequit.
Stapsgewijze reparatie
- Installatie beveiligen: gebied afzetten, rijbaan vrijmaken, hoofdschakelaar uitschakelen en beveiligen tegen opnieuw inschakelen. Werkzaamheden aan 230/400 V, remmen, frequentieomvormer, hoofdschakelaar of motoraansluiting alleen door een gekwalificeerde elektricien. Vóór elke weerstands- of doorgangsmeting de installatie allpolig spanningsvrij schakelen en beveiligen tegen opnieuw inschakelen.
- Component afbakenen: Voor dit storingsbeeld eerst veiligheidsvoorziening of krachtbewaking meldt hindernis, hoewel de rijbaan vrij is controleren, dan pas motor of besturing verdenken.
- Spiraalkabel / sluitrand / lichtscherm lokaliseren: Klem, leiding en component markeren aan de hand van de opschrift en het schakelschema. Foto's maken voordat u ze loskoppelt.
- Meting uitvoeren: Voeding, ingang, contact/weerstand en LED-status meten. Resultaat noteren; geen onderdeel vervangen alleen omdat het er "verdacht uitziet".
- Component vervangen of repareren: Spiraalkabel / sluitrand / lichtscherm alleen vervangen door een passend type volgens typeplaatje/schakelschema. Klemmen vastzetten, trekontlasting aanbrengen, leiding beveiligen tegen schuren.
- Functietest: Individuele functie op de ingang controleren, dan complete OPEN- en DICHT-rit uitvoeren. Foutgeschiedenis opnieuw controleren.
- Veiligheidscontrole: Noodstop, lichtscherm, sluitrand/SKS, zijdeur en eindposities actief testen. Bij automatische loop omkering en voorwaarschuwing documenteren.
Aanwijzing voor reserveonderdelen
Typisch reserveonderdeel: Spiraalkabel / Sluitrand / Lichtscherm
Functie: Deze onderdelen melden obstakels. Bij wiebelen keert de installatie om zonder een echt object.
Vervanging: Installatie spanningsvrij schakelen, klemmenbezetting fotograferen, aders labelen, component vervangen, klemmen opnieuw vastzetten, trekontlasting controleren en daarna meetwaarde/functie opnieuw documenteren.
Andere onderdelen die bij deze installatie in de gaten moeten worden gehouden:
- GFA TS970/TS971/TS981 Besturing
- WSD-deurmodule of spiraalkabel
- Lichtscherm voor X6
- Veiligheidslijst optisch/8k2/pneumatisch
- Remgelijkrichter/Rem
- Eindschakelaar/AWG
Praktijkgeval
| Punt | Beschrijving |
|---|---|
| Foutbeeld | Poort keert altijd halverwege om, geen obstakel zichtbaar. |
| Diagnose | 8k2-waarde in stilstand ok, bij bewegen kortstondig oneindig. |
| Oorzaak | Spiraalkabelbreuk op de knikplaats. |
| Oplossing | Spiraalkabel vervangen, leiding geleid, omkering met testlichaam getest. |
| Tijdsduur | 50 minuten |
Eindcontrole na de reparatie
- Minimaal drie complete rijcycli OPEN/DICHT zonder foutmelding uitvoeren.
- Noodstop bedienen: installatie moet onmiddellijk stoppen en mag pas na ontgrendeling weer vrijgeven.
- Lichtscherm onderbreken tijdens DICHT-rit: sluitbeweging moet stoppen of omkeren, afhankelijk van de installatie.
- Sluitrand/SKS met geschikt testlichaam testen: reactie en omkeerweg controleren.
- Eindposities OPEN/DICHT controleren: weergave, vergrendeling, verkeerslicht/vrijgave moeten correct omschakelen.
- Meetwaarden, vervangen reserveonderdeel en foutcode in het onderhoudsprotocol documenteren.
Opmerking: Klemmenaanduidingen kunnen afwijken afhankelijk van het bouwjaar, optieprintplaat en uitvoering. Bepalend is altijd het schakelschema van de specifieke installatie.






Delen:
Hofschuifpoort met Sommer-besturing: Eindstand wordt bij regen niet herkend – Reparatiehandleiding met meetwaarden en programmering
Industriepoort gaat niet meer omhoog – Foutdiagnose en reparatie